Verklaring André Postema voorzitter College van Bestuur Stichting LVO | Postema neemt verantwoordelijkheid op basis van uit te voeren onderzoek bestuurlijk handelen

6 juli 2018

Sinds de bekendmaking van de Inspectie op 22 juni jl. dat alle eindexamens van het VMBO Maastricht ongeldig zijn verklaard, heeft het College van Bestuur en de Raad van Toezicht van de Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs een groot aantal maatregelen genomen om onze leerlingen zo snel mogelijk duidelijkheid en perspectief te bieden. Als bestuursvoorzitter van 23 prachtige en sterke Limburgse scholen heb ik mijn verantwoordelijkheid genomen om deze aangeslagen VMBO-afdeling in Maastricht weer veilig in de haven te krijgen, alles in het belang van de getroffen leerlingen. Hier hebben letterlijk honderden docenten en schoolleiders van het Limburgs Voortgezet Onderwijs aan meegeholpen. En ook van buiten is hulp gekomen, niet in de laatste plaats van minister Slob, toen hij bereid bleek de cijfers van het Centrale Examen te laten staan.

Over het bestuurlijk handelen voor en tijdens de crisis leg ik graag verantwoording af, aan mijn Raad van Toezicht, maar ook naar de Maastrichtse samenleving en iedereen die met het lot van deze leerlingen en hun school begaan is. Ik ben blij dat de Minister heeft besloten tot een onderzoek naar dit bestuurlijke handelen, waarbij ook de rol van de Inspectie wordt onderzocht. Ik vertrouw er op dat er objectief wordt gekeken naar de Inspectie-oordelen van het VMBO Maastricht van de afgelopen jaren, dat voor het onderdeel basisberoepsgerichte leerweg in 2015 tijdelijk het oordeel zwak had en daarvoor en daarna voor alle onderdelen consequent het oordeel voldoende. Ook de handelwijze van de Inspectie, om op vrijdag 22 juni naar de leerlingen en ouders toe alle 354 eindexamens ongeldig te verklaren, terwijl daags daarna bleek dat de Inspectie dit op deze manier nooit had mogen doen, zal daarin betrokken moeten worden. Het ongeldig verklaren van examens is een zeer ingrijpend besluit dat de Inspectie alleen per individuele leerling en zorgvuldig onderbouwd kan nemen. Daar was op 22 juni, en ook in de dagen daarna, geen sprake van, met grote verwarring en boosheid tot gevolg. Had de Inspectie dit niet samen met de school en het College Bestuur van de Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs kunnen oppakken, om eerst tot een adequate analyse te komen wat nu echt in de toetsing heeft ontbroken alvorens zo ongecontroleerd naar buiten te treden? Had daarmee ook niet al direct een plan van aanpak voor de leerling gemaakt kunnen worden, zodat de boodschap dat er nog toetsen ontbreken vergezeld zou gaan van een handelingsperspectief voor de leerling?

Een onderzoek naar het bestuurlijk handelen dient verstandig om te gaan met vele andere vragen die zich opdringen. Hoe lang was dit al gaande op het VMBO Maastricht? Klopt het dat gedetailleerde, bij de Inspectie ingediende programma’s van toetsing en afsluiting tot ondoenlijke situaties leiden op veel scholen in Nederland? En dat er sprake is van heel veel afwijkingen op scholen - afwijkingen waarvoor de leerlingen van het VMBO Maastricht nu zo worden gestraft? Gaat de Minister de schoolbesturen vragen hier actief en onmiddellijk melding bij de Inspectie over te doen? Gaat de Minister de Inspectie de opdracht geven hier nu ook zelf onderzoek naar te doen, te beginnen bij de schooladministraties voor het examenjaar 2017-2018? Ouders, docenten en schoolleiders in het hele land hebben de afgelopen twee weken aangegeven dat dan de ramp niet te overzien is. Het onderzoek zou aldus beter een vooruitkijkend en verbeterend karakter kunnen hebben, dan dat wederom met de botte  bijl van de Inspectie wordt gehakt. Daar is geen leerling in Nederland bij gebaat.

De afgelopen twee weken heeft de Minister in drie brieven kenbaar gemaakt wat hij van het College van Bestuur en de Raad van Toezicht van Stichting Limburgs Onderwijs verwacht. In drie antwoordbrieven heeft de voorzitter van de Raad van Toezicht gemeld dat alle van deze dringende verzoeken van de Minister zijn ingewilligd, inclusief het benoemen van een interim-bestuurder voor het VMBO Maastricht per vandaag. Deze brieven zijn openbaar. Hieruit is af te leiden dat, gegeven de omstandigheden, gezamenlijk is gekeken naar de juiste maatregelen, met het genoemde onderzoek naar het bestuurlijk handelen als sluitstuk om definitief verantwoording af te leggen door het College van Bestuur, de Inspectie en de Minister. Het lijkt mij passend dit onderzoek af te wachten: eerst het onderzoek, dan het oordeel. Ik zal dan niet aarzelen op basis hiervan mijn verantwoordelijkheid te nemen.

 

André Postema, voorzitter College van Bestuur

Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs

< Terug naar nieuwsoverzicht