Ich knipde mich de hoare aaf - blog André Postema

16 juli 2015

Wie herinnert zich nog een les van de middelbare school? Nee, niet alleen die leuke leraar geschiedenis of de keer dat je er uit werd gestuurd bij scheikunde. Ik bedoel: weet je nog hoe de les zich voltrok, wat je hebt geleerd en hoe je je daarbij voelde?

undefined

Ik herinner mij nog wel een paar van die lessen. Maar veel zijn het helaas niet, ondanks dat ik over een behoorlijk olifantengeheugen beschik. Wat daar bij helpt is wanneer een herinnering gekoppeld is aan een verhaal. En indien dat zo is - en er is nogal wat onderzoek waaruit dat blijkt - dan is het logisch om leren te verbinden aan contexten, aan verhalen. "Ja en...?" hoor ik je zeggen. Nou, dan zou je verwachten dat we dat op onze scholen ook doen. En gelukkig is dat in toenemende mate het geval.

Recent bracht ik een dag door op het Broekland College in Hoensbroek. Directeur Peter Schut had een mooi programma samengesteld om een indruk te krijgen van de dagdagelijkse praktijk op zijn school. Het tweede uur was wiskunde voor klas TL3C. Goniometrie, door docent Allard Kerbusch (spijkerbroek, t-shirt, sneakers en een gezicht dat zich laat lezen als een boek). Geen onderwerp dat de meesten van ons nog goed kunnen reproduceren, zo schat ik in. Nou, wel wanneer je deze les had gevolgd.

Kerbusch trapte af met een krantenbericht over de langste roltrap van Nederland. Die blijkt ons naar het metrostation Vijzelgracht te brengen, zo toonde het Youtube filmpje dat hij er bij had gezocht. Indrukwekkend, zo'n eindeloos lange roltrap de diepte in. Maar hoe diep eigenlijk? En ja hoor, daar verscheen de eerste driehoek op het smartbord. En een gradenboog. En - vanuit de klas - de benodigde goniometrische vergelijking. De leerlingen voerden de rekenstappen uit in tweetallen, presenteerden elkaar hoe ze tot het resultaat waren gekomen. "Wie heeft het idee dat 'ie het nog niet helemaal snapt?" Prompt vier handen omhoog. Die schoven aan bij het bureau van Kerbusch voor een extra uitleg. Nu over Jan die de berg oploopt. Een aantal slimmeriken links achterin kregen wat extra breinkrakers aangeboden.

Kerbusch differentieert in lesstijl en personaliseert de stof, beide van groot belang voor een effectieve didactiek. Maar hij vertelt dus ook fantastische verhalen. Sinus, cosinus en tangens worden zo verbonden aan de Vijzelgracht en bergwandelingen. En daarmee (be)grijpbare wiskundige concepten. Ik stel mij voor dat de leerlingen van TL3C van het Broekland nog vaak aan hem denken wanneer zij een roltrap opgaan.

Het verbinden van de lesstof aan zingevende contexten kan op talrijke manieren. Klein en groot, vanuit een individuele docent of juist een team, eenmalig of projectgericht. Binnen nogal wat LVO-scholen wordt inmiddels gewerkt met OPEDUCA, dat contextrijk onderwijs koppelt aan een duurzame wijze om met de aarde om te gaan (zie www.opeduca.eu). En anderen kiezen voor big picture learning, waarbij het onderwijs nauw aansluit bij de belevingswereld van de leerling (zie www.bigpicture.org).  

Contextrijk leren kan behoorlijk ver gaan. Zo zijn er diverse scholen die zich 't Kofschip hebben gedoopt, om maar een dwarsstraat te noemen. Anderen scholen nemen hun leerlingen mee naar het Zeevaartmuseum in Amsterdam om zo'n oude galei in het echt te zien. Alles uit de kast om tot de juiste werkwoorduitgang te komen. Dat het ook simpeler kan bewees een andere les, die dag op het Broekland. Docent Nederlands Christie Schoenmakers sprak over "ich knibde mich de hoare aaf". Ze zong er nog net niet bij. En de leerlingen? Die begonnen spontaan te sjoenkele. Vergeten ze nooit meer, die les.

 

Meer contextrijk leren: ik daag iedereen uit om hierin een tandje bij te zetten. Ben je nog niet zover? Welke stappen wil je zetten om zover te komen? Ik hoor graag van je (a.postema@stichtinglvo.nl).

Eerdere blogs: Welkom!, Aon de geng! en Examen doen

 

< Terug naar nieuwsoverzicht